27-12-2009


Het Platform is opgezet door het Humanistisch Verbond. Meer op de pagina 'Platform' boven in het menu.

Het Nieuwe Rijk en mensen in de sorteermachine

door Joyce Hes

Misleidend en smakeloos werd de folder van het Nieuwe Rijk genoemd door staatssecretaris Bijleveld, die aangifte deed van kennelijk een ter plekke bedacht delict namelijk strafbare smakeloosheid.
Smakeloosheid die als bedreiging wordt aangemerkt door de staat, zal Bijleveld gedacht hebben, moet nu maar eens vervolgd worden.
Dan kunnen we achteraf wel een wetje maken dat deze gang van zaken legitimeert.

Zo had dezelfde staatssecretaris er ook geen enkele moeite mee een wet door de Tweede Kamer te loodsen die achteraf de praktijk van een identificatieplicht tijdens de laatste verkiezingen moest legitimeren.
En de Tweede Kamer zit er kennelijk ook al niet mee, dus...
Als er bovendien in de Eerste Kamer geleerde heren als professor Franken zitten
die oprecht verklaren dat ze politiek opportunisme belangrijker achten dan hun geweten als wetenschapper en jurist, dan kunnen we wel zeggen dat het nut van extra controle door de Eerste Kamer een gepasseerd station is.
Boekesteijn mocht niet zeggen dat de koningin had gezegd dat er in het landsbestuur teveel sprake is van hypes en dat de afstand bestuur bestuurden groeit, maar voor de goede verstaander had ze daar wel een punt.

Laten we gewoon even een duikje nemen in de geschiedenis.
Dat zal wellicht ook degenen die geschokt zijn door de brochure van het Nieuwe Rijk over de streep helpen.
We kunnen wat dat betreft veel leren van de commotie die de 14e volkstelling
in dit land heeft veroorzaakt in 1970, beschreven in Volkstelling in opspraak 1984 door Dr J. Katus.
De voorbereiding van de volkstelling van 1971, de eerste waarvan de verkregen gegevens per computer zouden worden verwerkt, gaf aanleiding tot veel maatschappelijke onrust en verhitte parlementaire discussies.
De volkstelling van 1971 werd een symbool van een almachtig overheidsapparaat, dat zich -desnoods ten koste van de privacy van burgers- in toenemende mate van geavanceerde automatiseringstechnieken ging bedienen zonder dat de uitgangspunten en doelstellingen van dergelijke vèrreikende ontwikkelingen in het parlement fundamenteel ter discussie hadden gestaan, aldus de Stichting Waakzaamheid Persoonsregistratie, geciteerd door Katus.
En Katus concludeert dat het aanslaan van het vóór de telling gelanceerde idee dat deze gevaarlijk was door de Stichting waakzaamheid, te maken had met een aanzienlijk verlies aan geloofwaardigheid van de overheid.

En hoe zit dat nù anno 2009 eigenlijk?
Hoe geloofwaardig is een overheid die zijn burgers opscheept met slecht uitvoerbare wetgeving waarvan, zoals bij de Paspoortwet, de implementatie onvoldoende is voorbereid. Bovendien biedt deze wet ook helemaal geen garanties op bescherming van diezelfde burgers tegen identiteitsfraude en andere narigheid, wanneer zij in een situatie van feitelijke dwang hun biometrische kenmerken, zoals vingerafdrukken, af moeten geven. Immers zonder geldig identiteitsbewijs kun je in Nederland geen volwaardig burger meer zijn.
Overduidelijk is inmiddels gemaakt dat dergelijke afdrukken heel gemakkelijk kunnen worden misbruikt en ook overduidelijk is gemaakt dat opslag in een database, zeker centrale opslag maar ook decentrale, een aannemelijk risico geeft van onterecht gebruik en onterechte vervolging.
Laat deze overheid zich op het terrein van bescherming van grondrechten van burgers als privacy en lichamelijke integriteit, aan die burgers eigenlijk veel gelegen liggen, is de vraag.
Of gaat het uiteindelijk alleen om mensen in de sorteermachine te krijgen (zie de gelijknamige brochure van Lau Mazirel uit 1970)? Zodat om met Elco Brinkman uit 1992 te spreken de bokken van de schapen kunnen worden gescheiden (zie Een pasje meer of minder van Hans Smits uit 1992).

En terwijl Mazirel met haar waarschuwingen verwees naar de Tweede wereldoorlog en de mogelijkheid van bezetting met alle gevolgen van dien, zegt Arthur Lehning op de bijeenkomst ter gelegenheid van 30 jaar Vrij Nederland in 1970: De vijand komt niet van buiten, de vijand is reeds midden in ons. Wij zijn reeds op weg naar een totalitaire maatschappij en al is het dan op het ogenblik zo dat er geen gevaar is voor een concentratiekamp, het is toch wèl zo, dat wij gedwongen worden om ons hoofd in een democratisch-statistische strop te leggen. Dat alles is slechts mogelijk geworden door de vrijwillige dienstbaarheid aan de autoriteit van de onderdanen, die slechts één woord -het woord neen- behoeven te zeggen om aan deze hele ondemocratische totalitaire onzin een einde te maken.
Fikse woorden in 1970.
39 jaar later is de urgentie heel wat groter geworden: het aantal maatregelen dat ervoor zorgt dat we geen stap meer kunnen zetten zonder gechipt, gevolgd, afgeluisterd of bevraagd te worden over je identiteit is dermate overweldigend dat de zinsnede ach ik heb toch niks te verbergen inmiddels systematisch is vervangen door: ach ze weten toch al alles van je.

De brochure van het Nieuwe Rijk is schokkend, confronterend, misschien vinden mensen hem smakeloos met de verwijzing naar de Holocaust, maar de vraag is wel anno 2009: hoever moet deze overheid eigenlijk gaan met de schending van fundamentele grondrechten om een volksopstand te ontketenen vergelijkbaar met die uit 1970, zodat er werkelijk een besef ontstaat hoe gevaarlijk de situatie dreigt te worden?

Joyce Hes
Voorzitter Platform Bescherming Burgerrechten


Reacties