09-07-2009


Het Platform is opgezet door het Humanistisch Verbond. Meer op de pagina 'Platform' boven in het menu.

Wantrouwen of teveel vertrouwen

door Joyce Hes

In een interview in Vrij Nederland van 4 juli j.l zegt minister van Binnenlandse Zaken Guusje Ter Horst niet te begrijpen waarom de bestuurders van dit land zo keihard worden weggezet en waarom dingen worden gezegd als: het kabinet bakt er helemaal niets van. Ze laakt de houding van wantrouwen waaruit dit voortkomt. Ze vestigt haar hoop op weldenkende en wellevende mensen die zich realiseren dat het belangrijk is dat er autoriteiten zijn en dat die in principe het vertrouwen van de bevolking verdienen.

Als we kijken naar wat er de afgelopen maand is gepasseerd aan wetten in de Tweede en Eerste Kamer en we toetsen deze aan haar uitspraak dan kunnen we ons toch wel afvragen of de autoriteiten waar Ter Horst op doelt het vertrouwen van de bevolking verdienen. Een experiment met het stemmen in een willekeurig stemlokaal waarbij voor het eerst een
algemene identificatieplicht werd geintroduceerd, is niet geëvalueerd, alvorens een wijziging van de Kieswet op dit punt door de Tweede kamer werd geloodst. Dit onder het motto dat iedereen in Nederland toch al een draagplicht heeft, quod non.

Kennelijk was de staatssecretaris onvoldoende geïnformeerd en/ of was de kamer even wat afwezig. Dat een geschatte 150.000 kiezers niet konden stemmen omdat ze geen geldig identiteitsbewijs hadden, was geen punt van aandacht noch dat stembureaus op deze situatie totaal niet waren ingespeeld met het gevolg: willekeur in stemlokalen.

In de Eerste Kamer werd zonder stemming een wetsontwerp aangenomen, waarbij de nu al bestaande biometrische gegevens in het paspoort worden uitgebreid met vingerafdrukken en door de opslag in een centrale databank (die onder bepaalde voorwaarden ter beschikking staat van opsporende instanties) grote risicos ontstaan voor identiteitsfraude. Een combinatie van beide wetten betekent dat aan burgers die geen vingerafdrukken in hun paspoort willen en/of bang zijn voor misbruik van hun gegevens, het stemrecht zal worden ontnomen.

Daar is nu recent bijgekomen een zonder stemming in de Eerste kamer aangenomen wetsontwerp identiteitsvaststelling verdachten, veroordeelden en getuigen dat de facto betekent dat nu iedere burger de kans loopt in met zijn lichaamskenmerken in de justitiële verdachten-data bank te belanden.Een pleidooi van de kant van GGZ Nederland om zgn zelfmelders hiervan uit te sluiten ontlokte minister van Justitie Hirsch Ballin de uitspraak dat volgens hem de GGZ hier meer moeite mee heeft dan de mensen zelf.

En de laatste trouvaille is dat in het kader van een Europese richtlijn alle telecomverkeersgegevens een half jaar moet worden opgeslagen, waarbij we dan nog verlicht ademhalen omdat het geen jaar of zelfs langer is geworden.. De verzamelwoede van deze regering van persoonsgegevens en lichaamskenmerken van zijn burgers, kent, zo lijkt het geen grenzen.En als het even kan worden verplichtingen vanuit Brussel gebruikt om meer vast te leggen en langer dan noodzakelijk is.

Alles moet worden afgenomen en opgeslagen,zelfs wanneer dat ernstige risicos voor diezelfde burgers met zich meebrengt. De achterliggende gedachte van deze regering en deze overheid is dat burgers ten diepste moeten worden gewantrouwd maar tegelijkertijd is er wel een verbazingwekkend vertrouwen in technische systemen, en in politie- en geheime diensten (binnenkort van 26 aangesloten landen), die uit die gegevens kunnen putten.

Omgekeerd hebben veel burgers in Nederland nog steeds niet in de gaten dat het privacyparadijs Nederland allang veranderd is in een controlestaat en voorzover ze er enig idee van hebben, maken ze zich nog weinig zorgen omdat ze hun overheid vertrouwen. Tja.

Laten we eens kijken wat een wellevend en weldenkend mens als professor Franken, hoogleraar informatierecht, van Nederland vindt. In april 2007 zegt hij in een interview in Wordt Vervolgd: Niet alleen ter bestrijding van de misdaad, maar ook ter bescherming van de veiligheid worden steeds meer maatregelen genomen die strijdig zijn met fundamentele rechten. Bij het gebruik van speciale opsporingstechnieken is niet eens meer toestemming van een onafhankelijke rechter-commissaris nodig- de politie of de officier van justitie mogen zelf beslissen. Een lange ontwikkeling van versterking van burgerrechten, die loopt van de Magna Charta in 1215 tot aan het Verdrag van Rome van 1950, wordt teruggedraaid. Stap voor stap komen meer bevoegdheden bij de overheid die de rechten van burgers inperken en dat is een slippery slope. Daar ben ik ongelukkig over.

En: Wat me ook hoog zit: het wordt hier allemaal zo gepresenteerd aan de brave burger alsof we na 9/11 zulk soort maatregelen wel moeten nemen. Maar in Amerika kennen ze bijv. de bewaarplicht niet. Volgens Franken zijn politici bang niet daadkrachtig over te komen. Hoewel hij het woord niet gebruikt verwijt hij politici in feite opportunistisch gedrag. Maar wat doet hijzelf, nu niet als hoogleraar informatierecht, maar als lid van het CDA in de Eerste Kamer als deze een oordeel moet vellen over de europese bewaarplicht?

Hij onderschrijft de nadelen en de ondoeltreffendheid ervan evenzeer als zijn collegas dat doen in Trouw, maar voegt eraan toe dat hij met zijn fractie uiteindelijk alles afwegende politieke opportuniteit belangrijker acht dan wetenschappelijke rationaliteit en vervolgens legt hij nog een schepje op de verplichting van 6 maanden en maakt er mèt de regering een jaar van.

Dat dit uiteindelijk toch 6 maanden werd doet niets af aan de constatering dat zelfs de weldenkende en wellevende Franken als politicus eieren voor zijn geld kiest. Maar als weldenkende mensen in de Eerste Kamer al niet meer het werkelijke belang van de burger bij wetten die op basis van rationele argumenten worden aangenomen, voor ogen hebben, wordt het dan niet tijd dat de burgers hun overheid wat meer gaan wantrouwen?

Ter Horst, die overigens zelf dolgraag criminaliteit etnisch wil registreren, (wat deze regering op een reprimande komt te staan in een officieel Commentaar van non gouvernementele organisaties op de implementatie van het Internationale Verdrag betreffende burgerlijke en politiek rechten (BUPO)) snakt naar een intellectuele elite die in opstand komt.

Ik zou zeggen, laten we met zijn allen snakken naar een burgerij die in opstand komt tegen een bestuur van dit land dat onzalige wetten op zijn burgers afstuurt, die die burgers steeds meer rechten en vrijheden ontnemen en blootstellen aan onaanvaardbare risicos.

Zie ook het artikel van Marc Chavannes in NRC Handelsblad.

Joyce Hes


Reacties